Proeven met zelfrijdende auto’s op het Rijks, provinciaal en stedelijk wegennet

Het Concorda project bereidt Europa voor op geautomatiseerd rijden en truck platooning. Hiervoor zijn niet alleen slimme voertuigen nodig, maar ook een hoogwaardige en digitale weginfrastructuur die niet bij de grens ophoudt. De communicatietechnologie om de uitwisseling tussen autonome voertuigen en weginfrastructuur mogelijk te maken, wordt getest in Concorda pilots in België, Duitsland, Frankrijk, Nederland en Spanje.

In de Metropoolregio Amsterdam (MRA) voert PPA Concorda proeven uit met zelfrijdende auto’s in samenwerking met Fiat Chrysler Automotive en NXP. Het bijzondere aan de testomgevingen in de MRA is dat de proeven niet alleen op de snelweg plaatsvinden, maar ook op provinciale wegen en op wegen in de bebouwde kom van Amsterdam.

De opmars naar autonoom rijden

Om een auto autonoom te laten rijden is het noodzakelijk dat deze razendsnel informatie kan ontvangen, verwerken en versturen. Bijvoorbeeld informatie over een (plotseling) afgesloten rijstrook. De zelfrijdende auto moet bij zulke veranderingen op de weg namelijk real time reageren om te voorkomen dat de gebruiker op wegwerkzaamheden, een voorganger of stilstaand voertuig botst.

Het is dus van groot belang dat de informatie over de afgesloten rijstrook op tijd in de auto komt en verwerkt wordt, zodat de auto van rijbaan wisselt. Om deze informatie te ontvangen gebruikt de auto zijn sensoren, informatie die hij met andere voertuigen onderling uitwisselt en informatie uit de weginfrastructuur (wegkantsystemen). De Concorda proeven richten zich op hoe de informatie van weginfrastructuur in de auto komt.

Communicatietechnologie testen

Met informatie-uitwisseling met weginfrastructuur wordt de data bedoeld van bijvoorbeeld matrixborden (zoals een rood kruis van een afgesloten rijstrook), verkeerslichten (wanneer wordt het licht rood of groen) of camera’s die langzaam verkeer (fietsers en voetgangers) detecteren.

Deze informatie kan via verschillende communicatietechnieken in de auto gebracht worden. In Concorda wordt de informatie-uitwisseling via de draadloze netwerken wifi-p en cellulair getest. Dit wordt ook wel hybride communicatie genoemd.

Wifi-p (ITS-G5)

Om wifi-p (ook wel ITS-G5 of 802.11p genoemd) te testen moet er een wifi-kastje (modum) in de auto aanwezig zijn en verschillende langs de weg. Door het beperkte bereik, is wifi is namelijk geschikt voor korte afstand communicatie. Net als bij je thuis is het ontvangst in huis prima, maar achter in de tuin al een stuk minder. Daarom zal er elke 300 meter een wifi-kastje moeten zijn. Op de testlocaties in de MRA worden deze kastjes dan ook geplaatst. In de pilot auto’s van Fiat zijn de wifi-kastjes ingebouwd. 

Cellulair (mobile communicatie)

Het testen van cellulaire communicatie verloopt regulier via de netwerken van telecomproviders. Denk hierbij aan 3G en 4G en in de toekomst 5G. Ook zijn er nog andere cellulaire ontwikkelingen zoals LTE-V, Mobile Edge Computing (MEC) en mode 3 en 4 die ervoor kunnen zorgen dat cellulaire communicatie geschikt is voor informatie-uitwisseling met zelfrijdende voertuigen. 

Low latency

Ook de snelheid waarmee de informatie in de auto komt moet hoog zijn. Dit wordt ook wel low latency genoemd en ook dit wordt binnen Concorda getest. Het gaat dan om berichten die in milliseconden doorgegeven en verwerkt worden, oftewel in een duizendste van een seconde. Deze snelheid is nodig om snel te anticiperen op het verkeer en veranderende omstandigheden op de weg, zoals alvast gas terugnemen, omdat verkeer verderop langzamer rijdt of het stoplicht zo op rood gaat. Daarnaast wordt er getest of informatie-uitwisseling betrouwbaar is.

Informatie over de verkeerssituatie in de auto brengen

Om veilig te kunnen rijden moet de zelfrijdende auto ook veel verschillende berichten kunnen verwerken en ernaar handelen. Daarom worden er verschillende gebruikerstoepassingen (use cases) getest. Denk hierbij aan waarschuwingen voor en informatie over langzaam rijdend of stilstaand verkeer, wegwerkzaamheden en maximumsnelheden. Maar ook snelheidsadviezen om daarmee als zelfrijdend voertuig in een groene golf terecht te komen (ook wel GLOSA genoemd).

Binnen de bebouwde kom ligt de nadruk op het veilig kunnen anticiperen van zelfrijdende auto’s op kruisingen met intelligente verkeerslichten en kruisingen met kwetsbare fietsers en voetgangers.

Voordat auto’s helemaal autonoom kunnen rijden moet er nog dus nog heel wat gebeuren. De praktijktesten van Concorda brengt dit weer een stap dichterbij. 

Waar wordt getest in de Metropoolregio Amsterdam?

In de MRA wordt getest op de snelweg A5 en op twee provinciale wegen, de N205 en de N201 bij Schiphol. Op deze plekken is al (delen van) de benodigde communicatie-infrastructuur aanwezig. Op de N205 zijn bijvoorbeeld al zes kruispunten uitgerust met intelligente verkeerslichten. Ook wordt er getest op twee locaties binnen de bebouwde kom van Amsterdam.

Planning 

Op dit moment worden de proeven voorbereid. Zo wordt er in kaart gebracht welke communicatie-infrastructuur al aanwezig is op de testlocaties en welke nog aangebracht, of zelfs nog ontwikkeld moet worden. De daadwerkelijke proeven met de zelfrijdende auto’s vinden plaats na de zomer van 2019. Daarna worden alle pilots grondig geëvalueerd en rond het project in juni 2020 af.

Over Concorda

Concorda staat voor ‘Connected Corridors for Driving Automation’. Het is onderdeel van een Europees testprogramma dat gericht is op de invoering van zelfrijdende auto’s en (hybride) communicatie-infrastructuur op autosnelwegen en in steden. In Concorda werken de gevestigde automobielfabrikanten, grote telecomproviders en belangrijkste toeleveranciers samen met wegbeheerders, overheden en kennisinstellingen. Deze partijen streven ernaar om gezamenlijk zicht te krijgen op alle praktische organisatorische en technische uitdagingen, die samenhangen met de complexiteit van connected, coöperatieve en autonome voertuigen.

In totaal doen er 5 landen mee, Nederland, Duitsland, België, Spanje en Frankrijk. In Nederland worden er pilots uitgevoerd in Noord-Brabant, de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag en de Metropoolregio Amsterdam. In Noord-Brabant ligt de nadruk op de ontwikkeling van de cellulaire communicatietechnologie en super-GPS (zeer precieze locatiebepaling). De Metropoolregio Rotterdam-Den Haag richt zich op truckplatooning op de corridor naar Antwerpen en Duitsland. Concorda wordt gesubsidieerd door het Europese CEF-fonds (Connected Europe Facility) vanuit de Europese Commissie. De Europese Commissie stelt 40% van het budget beschikbaar, het overige budget wordt ingebracht door de publieke (PPA) en private partners.